zaterdag 11 december 2010

Verha(a)ren

Er zijn vast onderzoeken naar gedaan; Waarom beroepen opeens 'verha(a)ren', feminiseren, ver-vrouwen. Allemaal woorden om aan te geven dat sommige beroepen, om wat voor reden dan ook, aantrekkelijk worden voor vrouwen. De dames geven zich massaal op voor HBO opleidingen of universitaire studies. Ze studeren af en overspoelen ‘en masse’ de markt. 

En daar ligt volgens mij een probleem. Zodra een beroep een bepaald percentage vrouwen kent dan devalueert het in status, jongens kiezen die bepaalde opleiding of studierichting niet meer het beroep 'verhaart' nog meer verliest sneller aan status en voordat je het weet is een beroep een ‘typisch’ vrouwen beroep geworden. 

Een ‘typisch vrouwenberoep’ is een beroep dat weinig aanzien kent, een lagere beloning en weinig carrière perspectief heeft. Het lijkt erop dat dit proces steeds sneller gaat. In het begin van de vorige eeuw stond het beroep van onderwijzer nog in hoog aanzien en behoorde deze samen met de dokter, de notaris en de advocaat tot de notabelen van de stad. De scheiding was heel duidelijk, vrouwen werden bewaarschool juffrouw en mannen onderwijzer. Op het moment dat de ‘juffen’ de markt overspoelde zo in de jaren 50 van de vorige eeuw zag je het aantal mannelijke leerlingen aan de pedagogische academie evenredig afnemen. Natuurlijk was de onderwijzer toen al lang geen ‘mijnheer’ meer. De tijdgeest was daar ook debet aan.

Het bovenstaande voorbeeld geldt ook voor andere beroepsgroepen. Marketing&Communicatie, management, consultancy, jeugdzorg en reclassering. De dames rukken op. Niets mis mee ware het niet dat deze beroepen voor de heren der schepping daarmee steeds onaantrekkelijker lijken te worden. In een van mijn laatste functie bestond het landelijk managementteam toen ik vertrok voor 90% uit vrouwen. 

Nou én hoor ik u zeggen. Dat heet emancipatie mevrouw Teeuwen. U heeft natuurlijk gelijk, maar een mannelijke collega vinden was schier onmogelijk.

Mijn stelling is dus: de snelheid waarmee een beroep 'verhaart', is evenredig aan de snelheid waarmee het beroep in aantrekkelijkheid afneemt voor mannen.

http://www.youtube.com/watch?v=wd1-HM234DE&feature=fvst

vrijdag 10 december 2010

Gezond verstand


Dat krijg je er nou van
Dat krijg je er nou van
Vandaag moest ik even naar de stad. U kent dat wel, een welp die belt, een verzekeraar die langs komt, en omdat ik toch vanuit huis werk, of ik dan even de heren wilde ontvangen. Nu ben ik qua welpen de beroerdste niet, dus ik vertrok naar mijn geboorte stad. Normaal gesproken een ritje van een kleine tien minuten.


Voor de goede orde, ik begrijp best dat een stad een levend organisme is waar onderhoud een deel van uitmaakt. Als je een beetje nadenkt dan weet je dat ook wegen slijten en dus zo af en toe aan onderhoud toe zijn. Niet altijd leuk, maar je snapt het wel. Het wordt steeds drukker en ons wegennet moet op sommige plekken uitgebreid of onderhouden worden. Je doet iets langer over de geplande rit? Geen punt! Je steekt nog eens een sigaretje op, draait de nieuwe cd die je net cadeau gekregen hebt of je belt met iemand die je al een tijd niet meer gesproken hebt.
Ik vind het al moeilijker te begrijpen als wegen die op elkaar aansluiten tegelijkertijd onder handen genomen worden. Maar, goed van hart als ik ben, denk ik dan dat er vast een reden zal zijn waarom dit gebeurt. De wegen zijn tegelijkertijd aangelegd en dus tegelijkertijd aan vervanging toe. Vervolgens zet ik gewoon een nieuw muziekje op en bezie mijn ziel in lijdzaamheid.


Wat ik NIET begrijp, is hoe een of andere domme planoloog het in zijn botte hersens haalt ELKE weg naar ELKE parkeergarage in mijn stad tegelijkertijd onderhanden te nemen. Elke toegangsweg naar elke parkeergarage in de stad van mijn hart wordt tegelijkertijd gerenoveerd, geasfalteerd en is dus afgesloten.


Wil je in Haarlem in een van de parkeergarages je auto neerzetten, dan is uithoudingsvermogen en een grondige kennis van de stad van harte aanbevolen. Heeft u dat niet, dan raad ik u ten zeerste aan om Haarlem te mijden. Maar wat ik me oprecht afvraag, waar is het gezonde verstand op het stadhuis gebleven? Elke toegangsweg naar elke parkeergarage, wie bedenkt zoiets? En een pragmatische oplossing bedenken zoals de oude toegangsweg waar we jarenlang gebruik van hebben gemaakt weer in ere herstellen, nah, dat is gewoon teveel gevraagd.


Het gezonde gestand van de stad van mijn hart is geëmigreerd naar Timboektoe en is blijkbaar niet van plan ooit nog terug te keren naar Haarlem.





woensdag 8 december 2010

Rituelen

Ik ben een rituelen mens. Ik ben dol op rituelen. Dat kunnen hele grote rituelen zijn of kleine ingetogen rituelen. Rituelen die met het lijf of met de geest te maken hebben. Het vieren van de wisseling van de seizoenen. Van hoe hier de verjaardagen gevierd worden tot Kerstavond. Als het me bevalt, als het goed voelt, dan maak ik er een ritueel van. Rituelen lijken op vaste gewoontes. Ze hebben het echter in zich dat men meent er niet meer buiten te kunnen. Zo kan een blokje om voor het slapen gaan een vaste gewoonte zijn. Als je denkt dat je zonder dat blokje om niet goed zal kunnen slapen, dan wordt het een geritualiseerde gewoonte. Rituelen zijn heel belangrijk. Het vertrouwde karakter van het ritueel is van belang, zowel voor een individuele persoon, die zich erdoor op zijn/haar gemak voelt, als voor een samenleving, waarbinnen de (gedeelde) rituelen een bindmiddel tussen de personen zijn.

Een belangrijk ritueel uit mijn jeugd was het ontbijt op zondag. Hoe laat je het de avond tevoren ook gemaakt had of je nu wel of niet een vriendje in je bed ontvangen had, op zondag ontbeten mijn moeder, mijn twee broers en ik altijd samen. Door de week kwam het er nooit van. Het eerste deel van de zondagochtend was gereserveerd voor muziek van mijn moeder. Alle elpees van Frans Halsema werden er doorheen gejast op de zondagochtend. Prima muziek om nog wat bij weg te soezen. Daarna was het de beurt aan mijn oudste broer. The Doors werd keihard opgezet, waarna mijn middelste broer met The Maddog & The Englishman er nog een schepje bovenop deed. Bij al dit muzikale geweld aten wij zelfgebakken brood met gebakken eieren en spek. Nog steeds een beproeft ritueel bij een kater. Gebakken eieren met spek.

In het buitenland en rondlopen in een kerk? Alhoewel ik helemaal niet gelovig ben, steek ik altijd een kaarsje op en sta stil bij degene die mij lief zijn. Dood of in leven dat maakt niet uit.Het wisselen van de seizoenen werd in mijn jeugd uitbundig gevierd. Palmpasen, het Michaëlfeest en advent. Als ik thuis ben rond de kerst zal ik nog steeds een adventskrans maken en ophangen. Zelf bijenwas kaarsen maken doe ik niet meer, ik koop ze nu. Eigenlijk jammer want het kaarsen trekken, precies 13 waslagen – voor elke maand van het jaar een laag en één extra laag voor het nieuwe jaar – was eigenlijk een prachtig ritueel om de kersttijd in te luiden. Ik heb bepaalde rituelen losgelaten en er zijn andere voor in de plaats gekomen.
Rituelen kunnen bindmiddel voor een samenleving zijn. Jammer dat ik ze niet meer zie.

maandag 6 december 2010

Boodschappen




Op zaterdag heb ik zo mijn vaste rituelen. Een van die rituelen is boodschappen doen. Bakker, slager, groenteman en natuurlijk de supermarkt. Gezien mijn werkritme haal ik voor een hele week aan boodschappen. Ik heb niet veel zin om als ik ‘s avonds thuis kom nog eens boodschappen te gaan doen. Slager, groenteman en dat soort lieden zijn trouwens allang dicht rond die tijd.

Iedere week, werkelijk iedere week is er wel een of andere bijgoochem die in mijn winkelwagentje kijkt en me knipogend vraagt of ik een feestje heb.
Meestal kijk ik dan nogal koel terug en zeg dat ik geen feestje heb, maar kinderen. De volgende opmerking is dan of ik dan soms een weeshuis bestier. 

De eerste keer dat dit commentaar mijn deel was vroeg ik nog als een halve zool: “Hoe bedoelt u?”
“Nou ja, het is zoveel”, zei de muts die mijn kar bekeek alsof er iets viezigs inzat. Ik keek als een debiel naar mijn 10 liter melk, vier liter karnemelk, drie pakken joghurt. De vla en de kwark. De vier pakken sinasappelsap, de pakken andere vruchtensap, de flessen wijn, de zes broden, de vleeswaren. De kaas van de supermarkt voor de tosti’s. De kaas van de kaasboer voor op brood. De tassen vol groenten, de aardappels en pakken verse pasta en de uitpuilende tas van de slager. Ik voelde me toch een beetje aangevallen en zei: “Het is voor een week hoor."
Ze begon de omstanders erbij te betrekken. “Voor een week? Vindt u dat niet veel?”, vroeg ze aan iemand achter haar in de rij terwijl ze op mijn kar wees. “Maar hoeveel kinderen heeft u dan? Wat belachelijk veel. Eten ze dan zo veel? Hoeveel kinderen heeft u nou?” Ik begon het zat te worden en de man die bij haar was zag dat waarschijnlijk aan mijn gezicht. Opeens viel hij uit: “Hou toch eens op, met je eeuwige commentaar op alles en iedereen, beet hij haar toe”. De vrouw keek zeer verontwaardigd om zich heen alsof ze steun zocht bij de rest van de mensen die in rij stonden. 

Ik zei heel rustig: “Mevrouw ik heb toch ook geen commentaar op het schijtbeetje in uw kar?” Betaalde zoals iedere week een godsvermogen en liep bepakt en bezakt de supermarkt uit me stiekem bedenkend dat ik best iets aardiger had kunnen reageren.

zondag 5 december 2010

Innerlijk emigreren

De innerlijk geëmigreerde komt u meestal tegen op het werk. Hij of zij komt eigenlijk altijd net even te laat binnenlopen. Nooit zoveel te laat dat ze er op aangesproken kunnen worden. Daarnaast gaan ze ook net even te vroeg weg. Altijd zo'n minuut of vijf. Als je daar iets over zegt, wijzen ze me veel bombarie op hun klokje dat standaard vijf minuten te vroeg is afgesteld. 


Ze doen hun werk, dat wel, maar enige passie of oprechte interesse ontbreekt. In hun hoofd zijn ze de acht urige werkdag ergens anders. Ze zijn innerlijk geëmigreerd. Ze zijn fysiek aanwezig maar daar is ook alles mee gezegd.


Als je al een goed gesprek met ze kunt aangaan -  daar heb je enig doorzettingsvermogen voor nodig - en vraagt waarom ze acht uur per dag iets doen wat ze niet boeit, waar ze geen plezier aan beleven, dan mompelen ze iets over hypotheek en dure kinderen en voegen je toe dat ze het écht, heus wel naar hun zin hebben. De innerlijk geëmigreerden zijn de zuurheid voorbij. Negatieve emotie is namelijk ook emotie. Dat ontbreekt. Het interesseert ze domweg niets. Ze doen wat ze moeten doen maar ook niets meer dan dat, liever minder. 


Als ik ze zie dan overvalt me altijd een gevoel van innig medelijden en hoop ik dat het prachtig is waar ze in hun hoofd naartoe gegaan zijn. Maar ik ben bang van niet.

vrijdag 3 december 2010

Razzle Dazzle them

Eergisteren heb ik u gevraagd wat u wel of niet tweet. Niet alleen mijn timeline maar ook mijn DM ontplofte. Wat ik erg grappig vond is dat maar een iemand die ik tot mijn online vrienden reken ook daadwerkelijk reageerde. De rest was beangstigend stil. 

De resultaten inclusief disclaimer: Dit is een greep en dus mijn perceptie van de reacties die ik ontvangen heb. Geen representatieve steekproef. Geen kwalitatief onderzoek, niet eens kwantitatief. Het is mijn perceptie, niet meer en niet minder. Klachten kan via timeline of DM. 
  • Seks
Daar tweeten we niet over. Niet over hoe vaak, niet wanneer en al zeker niet met wie. Tweeten over seks is een no-no. Tenzij als grapje. En dat terwijl iedereen weet dat twitter aan de 'achterkant' een grote vleeschmarkt is. Als we al tweeten over seks is het via DM.
  • Relaties
Die hebben we, of niet, willen we, of niet, maar we gaan anderen dus niet aan de neus hangen of de relatie verbroken is, of niet. Of dat we er iets buitenechtelijks op nahouden, of niet. Of hij tegen je schreeuwt, of niet, lief is, of niet. Pas als hij je slaat dan wil je daar wellicht iets over zeggen. Maar dat hij een eventuele bankhangende zappert is, of zij een buiten de pot pissende UGGS dragerT is, dat delen we dan weer niet.

  • Drank
We ploppen ons een stuk in de kraag maar vertellen niet eerlijk hoe laat en hoe lang. Mensen die eerder ploppen dan u dat doet, tsja. Ergens wel een beetje zielig. Als u teveel gezuupt hebt, dan gaat u stantepede offline. Dat kruisje kunt u dan net nog vinden.

  • Werk
Ben je geen journalist, dan twitter je niet heel graag over je werk. Voordat je het weet lezen je collegae mee. Waar ze je niet aan durven te spreken op twitter, kost ze dat waarschijnlijk helemaal geen moeite bij de koffie automaat. Confrontatie 1.9
  • Gezondheid
Een snotneus of griepje? Yep dat delen we graag. Een ziekte die het uiterlijk treft daar zijn we al minder uitgesproken over. En wat als een innige wens een ziekte blijkt? Of iets dat potentieel dodelijk is dat het op jou heeft gemunt? Er zijn mensen die daar met humor en relativering over kunnen bloggen zoals http://profiel.web-log.nl/mevrouwbee en daar heb ik dan weer heel veel respect voor.

  • Conclusie
Een ieder op Twitter heeft wel iets te verbergen. En iedereen doet zich ergens een beetje beter voor dan ze werkelijk zijn. Hey! Thats life!





woensdag 1 december 2010

Wie schrijft die blijft

Je kunt het ambtenaren tegen elkaar horen zeggen als ze een vergadering verlaten, met opnieuw de opdracht op zak, om een lijvig rapport te schrijven. "Je weet het hè? Wie schrijft, die blijft." En daar gaan ze, terug naar hun kantoor waar ze hun computer opstarten en beginnen aan de vernietiging van een klein tropisch bos voor het benodigde papier.

Zeven van de tien plannen worden gemaakt in het hoofd van de ambtenaar. Dat is als je er over nadenkt best logisch. Tenslotte heeft hij een (beleids) opdracht gekregen en die voert hij, trouw als hij is, naar beste kunnen uit. Dat het plan goed in elkaar moet zitten is ook niet gek. De opdrachtgever wil tenslotte wel serieus genomen worden. Alleen lijkt serieus een synoniem voor veel woorden. En de uitvoering vanaf het begin laten meedenken daar is geen sprake van. "Ja dag, die roepen toch alleen maar dat het niet kan.'  Niet zo raar als de vraag om mee te denken geen open vraag maar een opdracht is. 'We moeten zoveel bezuinigen en dat gaan we op deze manier doen. Denken jullie mee over de uitvoering?' Is van een hele andere orde als: 'We moeten zoveel bezuinigen, hoe kunnen we dat realiseren?'

Als een plan dan eindelijk klaar is en door de besluitvorming heen geloodst is, dan komt de ambtenaar tot zijn grote schrik, tot de ontdekking dat de wereld - of de politieke werkelijkheid - is veranderd. En hoppa, daar gaat zijn mooie plan. Linea recta de la in. En hij? Hij sloft door naar het volgende plan.
Hij schreef, dus hij bleef.